Saxofoon

SAXOFOON

Over de saxofoon als muziekinstrument (een blaasinstrument met enkelvoudig riet, conisch/parabolisch, van metaal gemaakt en toch tot de houten blaasinstrumenten gerekend, uitgevonden door Antoine-Joseph "Adolphe" Sax, enz., enz.) is via internet volop informatie te vinden. Die hoeven we hier niet te herhalen. Wel is het handig om verschillende teksten over dit onderwerp (trouwens over welk onderwerp dan ook...) te vergelijken en niet op voorhand alles wat er is opgeschreven, voor waar aan te nemen. Op internet kan iedereen kan namelijk beweren wat hij maar wil. Zin en onzin komen beide voor. Onderaan deze pagina staan wat ideeen voor wie een instrument wil gaan aanschaffen. Eerst een persoonlijke noot: wat vind ik nou zo boeiend aan saxofoonspelen?

Wat is voor mij het boeiende aan saxofoonspelen?
Ik was in dertien, dus relatief vrij oud, toen ik - opgroeiend in een "muziekloos" gezin - bewust naar muziek ging luisteren. Dat was circa 1957, 1958. Vriendjes begonnen (jazz) bandjes op te richten. We luisterden naar plaatjes; voornamelijk zogeheten extended plays (EP), want LP's (long play's) waren te duur en CD's waren toen nog lang niet uitgevonden. Op een gegeven moment kocht ik een plaatje van sopraansaxofonist Sidney Bechet. Op het plaatje dat ik kocht, speelde Bechet niet (zoals meestal) in een Dixieland orkest, maar in een wat moderner klinkende formatie met onder meer een elektrische gitaar en een baritonsax. Het gigantische geluid van die sopraansax en het onontkoombare gezag en speelplezier waarmee Bechet zijn solo's neerzette, raakte mij als een bliksemflits. Hier was niet zo maar iemand wat aan het spelen, hier werd je "BAM" recht in je gezicht geraakt. Ik wist direct: dat wil ik ook! Geef mij onmiddellijk een sopraansaxofoon! Helaas niet zo eenvoudig als je die in die tijd in Schoonhoven (ver van elke jazz-scene verwijderd) woonde, geen lid was van de lokale fanfare en met ouders die niet welgesteld waren.
Het is er niettemin van gekomen (de toeter kostte liefst 200 gulden, nu iets van 80 euro...) en zo begon de reis door de wereld van de muziek, die intussen al weer zo'n vijftig jaar duurt. Wat is voor mij het boeiende van een saxofoon? Eigenlijk is het iets dat ik als kleine puber bij Sidney Bechet had aangevoeld: DE SAX IS EEN VOICE. Een persoonlijke stem. Een stem die je kunt vormen en kneden. Een stem die je persoonlijk kunt maken. En dat vocale karakter is ook de grote uitdaging. Want die eigen stem komt echt niet vanzelf. Dat vereist veel luisteren, naar anderen, naar jezelf.
Een jaar na het aanschaffen van het Bechet plaatje en intussen flink oefenend op die sopraan, kocht ik, van spaargeld wederom een plaatje, dit maal van Stan Getz. Vreemd eigenlijk: qua benadering van het instrument kwam het, afgezien van het feit dat Getz geen sopraan, maar tenor speelt, op het tegenovergestelde van Bechet neer: tegenover elkaar Bechet's "hot and heavy" benadering van het instrument en Getz's "straight and cool" benadering. Later bleek het naast elkaar bestaan van die twee benaderingen een belangrijk thema in de geschiedenis van jazz-saxofoon te zijn. Het meest bekend in dat kader is de tegenover elkaar stelling van Coleman Hawkins' benadering van de tenorsax (hot and heavy), en die van Lester Young (straight and cool).
Die plaatjes van Stan Getz gaven mij aanleiding om ook op zoek te gaan naar een tenorsax. Inmiddels verkeerde ik in de luxe positie dat ik een klein beetje geld verdiende schnabbels op die sopraan (in The Revival Swing Combo, indertijd een bekend Gouds orkestje onder leiding van mijn vriendje Tim de Wijs). Met dat geld kon ik de helft van een tenorsax betalen (die kostte maar liefst: 400 gulden, zeg maar 170 euro). Na enig soebatten konden mijn ouders de andere helft bijpassen.
En zo had ik dan 2 "voices".

Je koopt een saxofoon en tracht er geluid uit te krijgen. Na wat proberen lukt het doorgaans wel om er een of ander soort geluid uit te krijgen. Een goed geluid (a nice sound) krijgen, dat kost echter meer inzet en je eigen geluid vinden is een opgave voor een deel van je loopbaan als saxofonist. Voor iedereen is dat echter anders. Belangrijk daarbij is het om veel te luisteren naar de groten op dit gebied en je echt in hun sound te verdiepen en daarbij te proberen het na te doen en om het bewust niet na te doen. Luister naar saxofonisten als Cannonball Adderley, Phil Woods, Charlie Parker, Dexter Gordon, Harry Carney, Lester Young, Lee Konitz, Sidney Bechet, Paul Desmond, Ben Webster, Gerry Mulligan, John Coltrane, Ornette Colemans, Eric Dolphy, Johnny Hodges, Stan Getz, Earl Bostic, King Curtis, Maceo Parker, Dave Sanborn, Illinois Jacquet, Pepper Adams, Steve Lacy, Charles McPherson, Charlie Mariano, Art Pepper en vele anderen met iets eigens in hun geluid. Dan hoor je wat er allemaal mogelijk is wat betreft een eigen, herkenbaar, geluid.
Helaas lijkt het de laatste decennia meer en meer 1 kant uit te gaan, een soort algemeen klankideaal, zoals je dat in de klassieke muziek hebt. In die wereld bestaan strenge regels over klankidioom. Het aardige van de jazz is dat die regels er in wezen nooit waren. Goede muziek ma daar met een geheel eigen, herkenbaar geluid. Dat kan zwaar ronkend als Coleman Hawkins, glashelder en vlijmscherp als Coltrane, warm-romantisch als Johnny Hodges of: klinkend als een "dry martini" zoals Paul Desmond.
Ik hoop stilletjes dat de bespeurde tendens naar een uniform, anoniem, saxofoongeluid in de jazz niet door zal zetten. Ik bedoel met een eigen geluid beslist niet dat het onbeholpen, amateuristisch, bevend, bibberend, vals, met een ongecontroleerd eind aan de tonen (komt vaak voor, ook onder professionals), etc. zou moeten klinken.
Het ontwikkelen van een eigen geluid vergt veel studie en het kost tijd. Een eigen geluid berust op een goede ademhalingstechniek, een goede embouchure en een goede aanzet met je tong.

Enkele tips bij het aanschaffen van een saxofoon:

IN HET ONDERSTAANDE GEEF IK ALLEEN DINGEN WEER, DIE OP MIJN PERSOONLIJKE ERVARINGEN BERUSTEN. MEN DIENT TE BEDENKEN DAT HET HIER OM MIJN EIGEN OPVATTINGEN GAAT. AAN HETGEEN HIERONDER STAAT KUNNEN OP GEEN ENKELE WIJZE RECHTEN OF AANSPRAKEN TEN OPZICHTE VAN WIE DAN OOK WORDEN ONTLEEND

(1) ALGEMEEN

Bij elke saxofoon zijn tenminste vier dingen van belang:

(a) de stemming (de gemiddelde stemming moet bij de concertstemming passen: geen "hoge stemming", die vroeger bij de fanfare voorkwam, gebruiken; zie verderop op deze pagina) en de "interne" zuiverheid (de zuiverheid tussen de tonen onderling);

(b) de kwaliteit van de klank, de "sound" van het instrument;

(c) de technische staat van het instrument (staat van polsters, asjes en draaipunten, afwezigheid van speling; toestand van de kurkjes en viltjes; afwezigheid van ernstige beschadigingen zoals deuken etc.);

(d) de applicatuur (zeg maar, werking van de toetsen), die bepaalt hoe comfortabel het instrument te bespelen is. In de loop der tijd is de ergonomische kwaliteit van saxofoons sterk verbeterd. De Franse fabrikant Selmer heeft al in de jaren '30 die trend ingezet.

Omdat het voor iemand die nog helemaal geen speelervaring heeft moeilijk is de eigenschappen van een instrument te beoordelen, raad ik iedereen aan zich bij aanschaf van een instrument te laten adviseren door een saxofoondocent of ervaren saxofonist. Dit geldt zowel voor de aanschaf van een gebruikt als van een nieuw instrument. Helaas heb ik als docent wel eens moeten meemaken dat men die advisering achterwege liet en min of meer met een 'kat in de zak' thuiskwam. Dit waren dan zelfs wel eens nieuwe instrumenten, waarvan bijvoorbeeld de interne zuiverheid onaanvaardbare afwijkingen vertoonde of de applicatuur ondeugdelijk of zelfs onvolledig was. Ook is het voorgekomen dat iemand voor 300 Euro via internet een instrument kocht dat in dermate slechte staat van onderhoud verkeerde, dat er om te beginnen al meer dan dat bedrag aan revisie aan moest worden gespendeerd en dan was het toch nog steeds maar een (in het algemeen niet hoog gewaardeerd) oud studiedingetje van Conn-Mexico.

(2) NIEUW OF GEBRUIKT?

In principe doet het er niet zoveel toe of een sax nieuw is of gebruikt. Als de staat van onderhoud goed is, kan een gebruikte sax net zo goed zijn als een nieuwe. Saxofoons gaan, mits van goede kwaliteit en goed onderhouden, heel erg lang mee, misschien wel meer dan 100 jaar.
Enkele overwegingen bij de keuze om een sax nieuw dan wel een gebruikt te kopen, zijn de volgende:

De staat van onderhoud
Een nieuw instrument moet in perfecte staat worden afgeleverd; de muziekhandelaar moet daarvoor zorg dragen. Een gebruikte saxofoon die goed is onderhouden of door een vakman is gereviseerd, kan wat betreft technische staat en bespeelbaarheid net zo goed zijn als een nieuwe.

De conditie van het instrument
Zoals gezegd, een saxofoon gaat bij normaal gebruik en regelmatig onderhoud heel lang mee. Ik heb zelf onder meer een Conn-sopraansax die uit 1928 dateert en daar is helemaal niets verkeerd aan: mechanische staat uitstekend, speelt geweldig, klinkt fantastisch. Regelmatig treed ik op met een Selmer alt uit 1937, een zonnetje van een instrument. Een Selmer baritonsax uit 1961..... en zo kan ik nog wel doorgaan. Al deze oudere instrumenten hebben in de loop der tijd wel een revisiebeurt achter de rug.

De algemene kwaliteit
Zowel voor nieuwe als van gebruikte instrumenten geldt dat er goede en slechte zijn. Bij aanschaf van een instrument, oud of nieuw, moet je dus altijd naar dat ene individuele instrument kijken en nagaan of het voldoet aan de eisen die je er aan stelt. Een voordeel bij nieuwe saxen is dat het vaak mogelijk is om meerdere exemplaren met elkaar te vergelijken.
Wat betreft de stemming en interne zuiverheid zijn er nieuwe instrumenten waarmee je weinig problemen zult ondervinden, bijvoorbeeld nieuwe Selmer of Yamaha saxen. Het feit dat een instrument nieuw is, betekent op zichzelf nog geen garantie dat de inter­ne zuiverheid goed is; ik heb ook wel eens nieuwe studie-instrumenten gezien die wat zuiverheid betreft ver onder de maat waren. Zuiverheidsproblemen doen zich wel eens voor bij bepaalde oudere USA-saxen (ook van topmerken). Dat is dan de prijs die voor een prachtige 'sound' moet worden betaald. Bij veel nieuwe instrumenten ontbreekt de bijzondere 'sound' die sommige topsaxen uit de oude tijden hebben.

De klank
Of een bepaald type saxofoongeluid je aanspreekt, is uiteraard een persoonlijke keuze. Bij dit aspect moet je bovendien bedenken dat de klank ("sound") van een saxofoon voor een groot deel wordt bepaald door de bespeler zelf. Diens wijze van aanzetten, embouchure, stand van de mondholte enzovoort, zijn van invloed. Tussen het klank-karakter van de instrumenten zelf bestaan echter ook verschillen. De ene altsax is bijvoorbeeld de andere niet. Het ene instrument biedt meer mogelijkheden om de klank als speler te beinvloeden dan het andere. Sommige studie-instrumenten (met name van Yamaha) klinken van zich zelf heel aardig - wat voor een beginner natuurlijk prettig is - maar bieden weinig ruimte om de klank te beinvloeden, naar je hand te zetten. Een oude Selmer daarentegen zal in handen van een beginner misschien zelfs minder goed klinken dan zo'n studie-instrument, maar geeft de gevorderde of professionele bespeler juist veel meer mogelijkheden.
De klankeigenschappen van de instrumenten verschillen van merk tot merk, van periode tot periode, maar ook tussen individuele instrumenten van een en hetzelfde merk uit de zelfde periode. Zet twee "Mark zessen" naast elkaar, je zult enorme verschillen horen. Met andere woorden: elk instrument moet op zichzelf worden bekeken.
Persoonlijk spreekt de klank van bepaalde oudere instrumenten mij meer aan. Er zijn echter evengoed diverse professionele saxofonisten die zweren bij moderne instrumenten (zoals Keilwerth, Yanagisawa of nieuwere Selmers).
Van belang bij een te overwegen aanschaf is vooral: laat een ander spelen op een instrument dat je overweegt te kopen, vergelijk verschillende instrumenten en luister kritisch. Probeer het instrument - als je al speelt - met je eigen mondstuk uit, maar onderzoek ook wat het doet met een ander mondstuk.

De prijs
Gebruikte studie-instrumenten zijn goedkoper dan nieuwe. De waarde van veel gebruikte saxen is vaak stabiel of stijgt licht; bij sommige topmerken stijgt de waarde sterker. De occasionprijzen van de betere studie-instrumenten (bv. Yamaha) zijn redelijk stabiel. De tweede­handsprijs van 'mindere' studie-instrumenten (B-merken) is niet hoog. Bij gebruikte professionele (top-)instrumenten vertoont de prijssituatie soms trekken van "handel in oude kunst" (zie verder bij punt 4).
Prijzen die winkels hanteren zijn doorgaans op hun website te vinden. Particulieren bieden nogal eens saxen aan op internet, onder andere via www.marktplaats.nl. De prijzen die men daar vraagt, lopen zeer sterk uiteen. Er is nauwelijks een vaste lijn in te ontdekken. Soms zijn de bedragen ronduit absurd te noemen, wanneer iemand bijvoorbeeld voor een eenvoudige studiesax een prijs vraagt die je voor de meest gewilde oude Selmer moet neertellen. Het beste is het om alvorens op zo'n aanbieding in te gaan, eerst een deskundige te raadplegen die iets van de normale marktprijzen af weet. Ook is het niet aan te raden om ongezien een instrument te kopen, tenzij je er waanzinnig veel verstand van hebt en een gokje durft te wagen.

(3) SOPRAAN, ALT, TENOR, BARITON?
De keuze of iemand die nog geen sax speelt, als eerste wil beginnen met een sopraan, alt, tenor of bariton, is persoonlijk. Gebruikelijk is wel dat men ofwel met alt ofwel met tenor begint. Maar onmogelijk is het niet om met sopraan of bariton te beginnen. Ook de keuze om, na op een bepaalde sax (bijv. alt) te zijn begonnen, te gaan dubbelen op een andere (bijv. tenor) is ook persoonlijk.

(4) WAAROP SPECIAAL LETTEN BIJ AANSCHAF VAN EEN NIEUW INSTRUMENT?
Prijs is vaak in verhouding tot kwaliteit. Je hebt 'studie-instrumenten' en 'professionele' instrumenten. Wat men daar onder verstaat, is niet duidelijk omlijnd. Nog steeds geldt dat elk instrument op zijn eigen individuele merites moet worden bekeken. Ik heb beroepsmusici heel mooi horen spelen op instrumenten van B-merken waarvan de reputatie onder de 'spraakmakende gemeente' nul is!

Ook bij aanschaf van een nieuw instrument is het inwinnen van advies aan te raden.
De muziekhandel pleegt er zorg voor te dragen dat een nieuw instrument goed wordt af- en bijgesteld. Van fabriekswege is dat niet altijd gebeurd. Dat is niet erg, maar er moet wel op worden gelet.

Vergelijken
Het is bij aanschaf van een nieuw instrument belangrijk om meerdere instrumenten met elkaar te vergelijken, zelfs als het gaat het om exemplaren van hetzelfde merk en type. Bespeel dus verschillende instrumenten of, als je nog niet speelt, laat ze voor je bespelen. Er zijn vaak verschillen tussen, al zijn die verschillen bij moderne instrumenten minder groot dan ze vroeger, bij instrumenten uit de jaren '60 en eerder waren.

Uiterlijk
Veel saxen zijn verkrijgbaar in goudlak-uitvoering en in verzilverde uitvoering. In het algemeen bestaat er onder saxofonisten in de lichte muziek een zekere voorkeur voor goudlak. Men zegt dat de klank warmer is. Ik heb zelf echter de ervaring dat dit soms, maar lang niet altijd opgaat; ook hier moet je gewoon kijken en luisteren naar het instrument dat je uitprobeert.
Een optie die sommige merken nog bieden is gravure op de beker; tegenwoordig is dat meestal een soort varenblad-motief, vroeger soms hele landschappen of portretten van vrouwen. Dat is een persoonlijke keuze, die uitsluitend het uiterlijk betreft en met de kwaliteit als muziekinstrument niets van doen heeft. Ik zou hier zelf primair blijven letten op de klankeigenschappen en het al dan niet aanwezig zijn van een gravure (en de eventueel daaruit voortvloeiende meerkosten) op de koop toenemen.

(5) WAAROP SPECIAAL LETTEN BIJ AANSCHAF VAN EEN GEBRUIKT INSTRUMENT?
Om te beginnen valt er op dezelfde dingen te letten als bij een nieuw instrument. Gaat het om een 'studie instrument' of een 'professioneel' instrument? Ook bij 2e hands instrumenten is geen scherpe grens tussen. Wel lopen de prijzen nogal uiteen. Vooral bij het merk Selmer lopen de prijzen voor oude instrumenten langzamerhand op tot indrukwekkende hoogten. Over dit onderwerp is het, net als waar het om de kwaliteit van het instrument, van belang advies te vragen van een onafhankelijk iemand die enig inzicht heeft in de marktontwikkelingen.

Sound en interne zuiverheid
We letten, als gezegd, in eerste instantie op interne zuiverheid en klankeigenschappen. De klank ('sound') van het instrument moet je bevallen, dat is een persoonlijk oordeel. Probeer het instrument liefst onder verschillende akoestische omstandigheden en als het kan ook 'in de praktijk' (op een bandrepetitie of op een optreden) uit. Interne zuiverheid wil zeggen of de tonen onderling niet te grote afwijkingen vertonen. Een instrument kan bijvoorbeeld heel mooi van sound zijn, maar toch een beetje intern vals. Dit is wel eens het geval bij USA-saxen. Zo zijn bij sommige USA-alten de octaven, met name A1/A2 en hoger, niet altijd zuiver. Controleer dit met een piano of met een stemapparaat. Een beetje valsheid mag, die is te corrigeren met ademsteun en embouchure; het mag echter niet te gek worden. Overigens kom je niet alleen onder oudere instrumenten, maar ook onder nieuwe saxen wel eens valse exemplaren tegen, zie boven. Anders dan de "sound" is zuiverheid is geen persoonlijk oordeel, maar een objectief gegeven.

Hoge en lage stemming
Bij oudere instrumenten moet er ook op worden gelet dat het een instrument in 'lage stemming' (= de normale stemming waarbij de A is gesteld op 440 of 442 Hz) is. Zo'n 40 jaar geleden speelden harmonieorkesten in 'hoge stemming', een kwarttoon hoger dan normaal. Je treft nog wel eens instrumenten uit die hoek aan. Die zijn onbruikbaar en hoogstens geschikt om als decoratie aan de muur te hangen. Bij USA saxen uit die tijd wordt er bij lage (d.w.z. normale) stemming instrumenten op het instrument vermeld: "low pitch" of "L" (vaak op de achterkant). Controleer de stemming met een goed gestemde piano (A=440 of 442), een stemvork of een stemapparaat. De A van de piano, stemvork of stemapparaat komt op tenor- en sopraansax overeen met de greep 'B' en op alt- en baritonsax met de greep 'Fis'.

Mechanische staat
Altijd letten op speling in assen, soepelheid loopwerk, staat van de veertjes, kurkjes, viltjes en de polsters. Polsters moeten soepel aanvoelen, niet gescheurd zijn of verhard. Bespeel het instrument over het hele bereik om te kijken of het goed sluit. Kijk of de aansluiting van de hals op het instrument niet te veel speling vertoont; dat wil zeggen dat de hals er makkelijk maar niet te makkelijk opgaat (met voorzichtige wrikkende beweging) en na het aanschroeven niet draait (die speling is overigens vaak eenvoudig te repareren). Ook een tweedehands instrument wordt door een goede muziekhandel in optimale conditie afgeleverd; als het instrument goed is gereviseerd moet het in technisch opzicht vergelijkbaar zijn met een goed afgesteld nieuw instrument. Is de mechanische staat van een instrument dat je zou willen aanschaffen niet in orde, bedenk dan dat revisies geld kosten. Een beetje revisie kost tegenwoordig al gauw 350 Euro. Vraag altijd advies aan een goede reparateur.

Beschadigingen
Kleine deukjes hoeven niet erg te zijn als ze 'lager' in het instrument zitten, in de richting van de beker. Deuken in de hals zijn vaak fataal. Sommige deuken zijn herstelbaar door een goede reparateur. Vervorming van de body kan een reden zijn het instrument als definitief verslechterd (en wellicht niet te redden) te beschouwen. Laat het instrument kritisch bekijken en bespelen door een ervaren blazer.

Speelgemak
Men kan ook nog letten op het speelgemak van de applicatuur. Dat loopt met name bij oudere instrumenten sterk uiteen. De ene saxofonist is hier gevoeliger voor dan de andere. In het algemeen is sinds de jaren '30 de trend dat saxen meer op speelgemak worden gebouwd (ergonomisch); het uit 1935 stammende "Balanced Action" model van Selmer was in dit opzicht baanbrekend. Die trend is door Selmer later voorgezet met het model Mark VI en daarop volgende modellen. De meeste moderne saxofoons zijn - althans qua applicatuur - in meerdere of minder mate van Selmers afgeleid.

Het uiterlijk
Onbelangrijk vind ik het zelf of een instrument glimt en blinkt. Dat een instrument er oud en afgeleefd uitziet (zoals enkele van mijn eigen instrumenten), zegt helemaal niets. Voor het bespelen van het instrument doet het uiterlijk totaal niet ter zake; er zijn echter mensen die een mooi uiterlijk wel een punt van overweging vinden. Als dat voor jou een punt is, moet je er aandacht aan schenken, maar denk vooral niet dat een mooi uiterlijk ook per definitie staat voor een goed instrument.
Het merkwaardige is dat leken dit vaak anders zien. Zo hoor ik soms uit het publiek, wanneer ik mijn instrument uitpak, de opmerking "waarom onderhouden jullie saxofonisten die instrumenten toch zo slecht". In een visuele cultuur als de onze ontstaan er dus misverstanden, want ze maken dat soort opmerkingen dan over een absoluut top instrument - dat ook nog eens in topconditie is. Waarschijnlijk denken ze dat een sax net zo iets is als een auto. Helaas, een misvatting.
Het uiterlijk van een saxofoon is voor mij geen factor van belang om een instrument al dan niet aan te schaffen. Als klank, stemming en technische staat goed zijn, is het hoogstens een leuke bijkomstigheid als het instrument ook nog mooi glimt, maar niet van wezenlijk belang. Kale plekken of "ouderdomsvlekken" in de goudlak zijn dus niet erg. Er zijn zelfs mensen die beweren dat een instrument waar de goudlak deels af is, beter klinkt.

Koffer
Staat van de koffer is onbelangrijk voor het al dan niet aanschaffen van het instrument, maar kan wel een punt van onderhandeling over de prijs zijn, want je zult bij slechte staat van de koffer op eigen kosten een koffer moeten aanschaffen, hetgeen gauw op 150 Euro of meer komt. Koop rustig een instrument met een slechte koffer, als het instrument je bevalt, maar lees wel het volgende.
Over koffers in het algemeen valt nog heel wat te zeggen. Een goede koffer is erg belangrijk om schade bij vervoer te voorkomen. Het veiligst zijn naar mijn ervaring vormkoffers waar de sax precies inpast, zonder rammelen of schuiven. Liefst omgeven door beschermend materiaal dat eventuele stoten of schokken opvangt. Helaas passen veel USA saxen en Europese saxen uit de jaren '20 niet in alle moderne vormkoffers. Dat is echter absoluut geen reden om die instrumenten niet aan te schaffen. Waarschuwing over het gebruik van koffer: (1) saxofoonkoffer (als het instrument er in zit) nooit achterop de fiets vervoeren, dit veroorzaakt heel vaak deuken; (2) bij het lopen met de koffer is het raadzaam de koffer te dragen met het deksel naar je toe, mochten de sloten onverhoopt openspringen dan valt de sax in het deksel; (3) aan vormkoffers zit doorgaans een draagband. Let er op dat deze goed verankerd is aan de koffer. De haakjes waarmee de band vast zit, blijken soms spontaan los te springen. Monter een extra touwtje of ijzerdraadje rond de haakjes. Een val van 75 centimeter overleeft je sax niet, zelfs niet in zo'n mooie vormkoffer.

Prijzen
De prijzen van gebruikte instrumenten lopen uiteen van plm. 700 Euro tot over de 3000 Euro. Voor oude Selmers (MK VI; Balan­ced Action) worden soms onplezierig hoge prijzen gevraagd.
Naar mijn mening dient de prijs die je aan een particuliere verkoper betaalt, lager te zijn dan die welke ja aan een muziekhandelaar betaalt, aangezien de laatste in het algemeen garantie geeft en nazorg (bijvoorbeeld een gratis afstelbeurt na een jaar en soms omruilgarantie).

Waardevastheid
De prijzen van vrijwel alle 2e hands (kwaliteits) saxen stijgen langzaam. Gebruikte saxen van de gerenommeerde (top) merken blijven altijd gewild. Oude Selmers worden steeds duurder. Je kunt voor instrumenten van gerenommeerde merken bij doorverkoop altijd wel een redelijke prijs voor terugkrijgen als je er weer van af wilt. De particuliere verkoop loopt wel vaak langzaam.

(6) ENKELE BEKENDE SAXOFOONMERKEN.

Saxen uit de USA.
De beste saxofoons in de eerste helft van de 20e eeuw werden in de USA gebouwd door o.a. Conn, Buescher, King (H.N White) en Martin. Tegenwoordig worden er, behoudens studie-instrumenten van Bundy, geen echte USA saxen meer gemaakt. De "grote namen" worden nog wel voor nieuwe instrumenten gebruikt, maar zijn dan covers voor producten uit Aziatische landen. Oude USA saxen, uit de "goede tijd" (men spreekt wel van Vintage-saxen), zijn in de jaren '80 in grote getale naar Europa gehaald door diverse handelaren. Volgens mij is dat onderhand wel zo'n beetje afgelopen en hebben alle Amerikaanse scholen en muziekverenigingen hun oude instrumenten naar Europa zien verdwijnen.

Conn
Zeer goede saxen, mits niet ouder dan uit de jaren '50. Daarna loopt de kwaliteit sterk terug. Oude typen bijv. 6 M ("ladyface"); 26 M; "LTD" (op die types staat dat ze gemaakt zijn door C.G. Conn LTD, zeg maar 'de BV Conn', men spreekt ook wel van een "Chu Berry type"; Conn zelf sprak een tijdlang van de "Wonder"-serie). Oude typen van Conn werden ook wel onder andere namen verkocht, bijv. "American". Mijn eigen ervaring betreft een Conn 6M Ladyface alt en een Conn Ladyface baritonsax die ik ooit heb gehad, beide erg mooi; verder bezit ik nog een rechte sopraansax Conn uit 1928 (vaak "Chu Berry type" genoemd, officieel "The New Wonder" geheten).
Van latere "Conn" saxen, gebouwd na de jaren '60, (bijvoorbeeld zogenaamde "Conn-Mexico") ben ik doorgaans minder gecharmeerd. Ik raad je aan om dergelijke instrumenten zeer kritisch te benaderen.

Buescher
Zeer goede instrumenten, tot en met jaren '50. Bijv. type 400. Ik bespeelde zelf enkele jaren een tenorsax van het type 400, model "Top Hat" (die bijnaam is te danken aan de gravure op de beker met o.a. een hoge hoed); een dijk van een sound. De applicatuur van die Buescher tenor was helaas niet echt handig; over ergonomie hadden ze bij die fabrikant kennelijk niet erg geavanceerde gedachten.

King
King was de handelsnaam van de firma Henderson N. White. Die bouwde zeer goede instrumenten. Topmodel was de King Super 20 met daarbinnen weer de 'deftige' Silver Sonic; met massief zilveren hals en soms ook massief zilveren beker (z.g. Sterling zilver, waar ook munten van worden gemaakt). Ook goed is de oude King Zephyr en de latere King Cleveland. Zelf heb ik een tijdlang een King Super 20 Silver Sonic altsax uit plm. 1958 bespeeld. Prachtige sound maar met de interne zuiverheid is het (zoals wel vaker bij oude Amerikaanse saxen) oppassen geblazen.

Martin
Zeer goede instrumenten, van voor de oorlog en tot en met jaren '50. Ik heb in het verleden goede ervaringen gehad met een Martin alt uit de jaren '30. In het algemeen worden Martin saxen gekenmerkt door een 'big sound'.
Dit zijn de bekendste USA-topinstrumenten. Er zijn nog andere USA saxen. Een heel goed studie-instrument is de Bundy (ook wel Selmer Bundy genoemd). Naar mijn mening is dit een van de betere studie- en beginnersinstrumenten die er bestaan (naast Yamaha, zie onder). Ook hier geldt echter weer dat elk instrument op zijn eigen merites moet worden bekeken.

Van andere USA merken, zoals (vroeger geproduceerde) Holton, Vito of Olds heb ik geen verstand; naar verluidt zijn er wel goede exemplaren van. Per geval te bekijken. De naam Vito komt overigens nog wel voor omdat er een Amerkaanse fabrikant is die Yamaha saxen onder die naam verkoopt (nadat hij er enkele modificaties op heeft toegepast).

(6.2.) Saxen uit FRANKRIJK.
Frankrijk is vanouds het land van de saxofoon, aangezien Adolphe Sax (van huis uit een Belg) daar in de 19e eeuw het instrument 'bedacht' en tevens is begonnen de saxofoon te introduceren en het ook op vrij grote schaal is gaan fabri­ceren. Er zijn in de loop der tijd in Frankrijk heel goede maar ook wel slechte instrumenten gemaakt.

Selmer
Wordt algemeen als het topmerk gezien. De in Parijs (tegenwoordig in Mantes, bij Parijs) gevestigde klarinettenfabriek Selmer begon in de jaren 20 saxofoons te maken, aanvankelijk ook nog onder naam Adophe Sax, later alleen onder eigen naam. Selmer-saxen zijn zeer gewild, met name die van het type Mark VI, geproduceerd van ongeveer 1953 tot ongeveer 1974 (serienummers lopend van 55201 tot 220801). Voor de 'MK VI periode' maakte Selmer overigens ook topinstrumenten, bijvoorbeeld de typen Balanced Action (nrs. 21751-35800) en Super (Balanced) Action (nrs. 35801-55200) (niet te verwarren met de huidige SA 80) uit de jaren dertig en veer­tig. Ondanks de grote reputatie raad ik af om ongezien een Selmer van de beroemde series te kopen. Juist bij deze instrumenten zijn er vaak grote verschillen tussen de afzonderlijke exemplaren, uiteenlopend van 'waanzinnig goed' tot 'iets tegenvallend gezien de reputatie'.
Nog steeds maakt Selmer zeer goede instrumenten, naast elkaar verschillende typen. Je kunt voor een overzicht van wat er allemaal te koop is, kijken op verschillende internetsites, onder andere van Harry Bakker (Muiderberg), De Saxwinkel (Deventer), Amsterdam Winds.

SML
"SML" betekent Strasser-Marigaux. Van dit merk zijn soms goede tot zeer goede saxen in omloop.

Buffet Crampon
Is met name in klassieke kring jaren als topmerk gehanteerd. Ik heb jaren geleden een Buffet Crampon S-1 alt gehad; speelde 'technisch gezien' geweldig, maar toch vond ik de toon uiteindelijk wat vlak.

Dolnet
De reputatie van dit merk onder "kenners" is wisselend, maar er zijn hele goede exemplaren van. De grote tenorist Don Byas speelde bijv. op een Dolnet. Zelf heb ik jarenlange ervaring met een Dolnet "Bel Air" baritonsax tot laag A: geweldige sound, maar loodzwaar en lastige applicatuur.

(6.3) Saxen uit JAPAN.
De Japanse saxen zijn de laatste jaren sterk in opkomst. Ze zijn vaak oerdegelijk, makkelijk bespeelbaar en zuiver. Oudere typen van sommige merken kunnen echter tegenvallen.

Yamaha
Oerdegelijk en in principe mooi. Zuiver en makkelijk te bespelen. Yamaha bouwt zover mij bekend instrumenten op drie niveaus: studie-instrumenten (bijv. YAS 23), instrumenten van gevorderd niveau en top-instrumenten onder de naam "Custom". Mijn eigen ervaring met de topmodellen van Yamaha is in principe gunstig, al mis ik wel een beetje de persoonlijke klank die oude Selmers, Bueschers, Conns e.d. hebben. Studie-instrumenten van Yamaha worden heel veel gebruikt door leerlingen en ik heb zelf als docent de ervaring dat deze zeer bruikbaar en bijna altijd probleemloos zijn.

Yanagisawa
Dit merk is de laatste jaren zeer goed geworden en bouwt ook instrumenten die tot de top worden gerekend.

(6.4) Overige merken Er zijn zowel nieuw als in gebruikte staat nog allerlei instrumenten in omloop.
Een topmerk is bijvoorbeeld het Duitse Keilwerth. Hiervan wordt door sommige vooraanstaande saxofonisten gebruik gemaakt (bijv. Ernie Watts, Dick de Graaf). Zelf heb ik er geen praktijkervaring mee.
Sterk in opkomst was een aantal jaren terug de Jupiter (Taiwan). Behoorlijk goede instrumenten naar men zegt; zelf heb ik er echter geen ervaring mee.
Meer en meer verschijnen er saxofoons onder diverse namen (vaak Franstalige nemen). Meestal zijn ook dit instrumenten die in Taiwan worden vervaardigd en door Europese of Amerikaanse importeurs van een mooie naam worden voorzien, al dan niet na wat aanpassingen. Soms zijn deze instrumenten best goed, soms niet. Ook hier geldt: van geval tot geval te bezien. Informeren bij gerenommeerde reparateurs kan ook geen kwaad, in verband met de al dan niet degelijke bouw van deze instrumenten.

6.5 Mijn saxen
Door de jarenlange zoektocht naar het ideale instrument plus de soms ontstane weerstand tegen het afstanddoen, is er een bescheiden collectie gegroeid (ca. 15 stuks). Ik ben echter geen "verzamelaar", iemand die graag verzamelt voor de "heb" of "de idee". Instrumenten hebben voor mij slechts waarde als ik er daadwerkelijk de deur mee uit kan om in het openbaar op te treden. Bij wijze van uitzondering op dit principe heb ik een heel oude Oscar Adler alt met 2 octaafkleppen aan de muur hangen (die is in volstrekt onbespeelbare staat).

Uit de collectie gebruik ik in de praktijk meestal de volgende instrumenten:

sopraansax: Selmer Mark 6 (meestal een verzilverd exemplaar uit 1973 en soms een goudlak exemplaar uit 1974)
altsax: Selmer Mark 6 (meestal een goudlak exemplaar uit 1964, vaak een uit 1961); voorts regelmatig een Selmer Balanced Action (een goudlak exemplaar uit 1937)
tenorsax: Selmer Mark 6 (vaak een goudlak exemplaar uit 1967 en regelmatig een uit 1965)
baritonsax: Selmer Mark 6 (een verzilverd exemplaar uit 1961)
(incidenteel een Dolnet Bel Air die tot laag A gaat)
Voor het leuke heb ik nog een paar andere saxen, zoals een Buescher sopraansax uit 1921, een Conn sopraansax uit 1928 en een Selmer altsax uit 1928.
Voorts heb ik twee Selmer serie "9" klarinetten en een metalen Pan Am klarinet.

6.7. Informatie over saxen op internet

http://www.saxontheweb.net
http://saxofoons.volop.info
http://www.dornpub.com/saxophonejournal.html
http://saxofoon.startpagina.nl
http://www.saxpics.com



HOME