Basistheorie jazzimprovisatie

BASISTHEORIE JAZZIMPROVISATIE

WIJZIGINGEN WEBSITE 23 11 2010

Jazzmusici zijn gewend te improviseren, maar niet in elke stijl van de jazz wordt “totale improvisatie” beoefend – misschien wel helemaal niet in zo’n extreme mate. Je kunt in de meeste gevallen spreken van gradaties, dat wil zeggen dat de muziek zowel vaststaande (niet-geïmproviseerde) als geïmproviseerde elementen bevat.

Improviseren wil letterlijk zeggen: iets doen wat niet van te voren bedacht is. In een muziekuitvoering derhalve: een passage (melodisch-ritmisch fragment) spelen, terwijl niet van te voren bekend is dat je precies dié passage zou spelen, op dié manier. Over het onderwerp improvisatie in de jazz zijn onder meer door de vooraanstaande saxofonist Lee Konitz  wijze woorden gesproken. Over hem is gezegd: “(he) has always tried to be the most creative and spontaneous of improvisers”. Zelf zegt Konitz, in een boek waarin hij uitvoerig wordt geïnterviewd over dit onderwerp: "I guess I've earned the right to say it by now, I'm a professional improviser."

De vraag is of iemand kan leren improviseren en hoe dat dan zou moeten. Soms zegt men dat je het helemaal niet kunt leren, als je al niet vanzelf  kunt. Dat lijkt me overdreven. Er valt best wat te leren. Maar ik stel voorop: het is niet zinvol om te leren improviseren vanuit de muziektheorie. Daarmee bedoel ik dat het volgens mij niet nodig is om eerst allerlei theorie te gaan doorlezen en bestuderen en dat pas daarna het moment komt waarop je het geleerde in de praktijk mag gaan brengen. Liever andersom! Probeer eerst iets te spelen zonder dat dit een letterlijke weergave is van wat je in de bladmuziek leest of wat je letterlijk uit je hoofd hebt geleerd. Desnoods gewoon een willekeurige noot, gevolgd door een andere willekeurige en dan maar verder zien.

Bovenstaande gedachten zijn uitgangspunt voor het boek Basistheorie Jazzimprovisatie. Mijn ervaringen in het leiden van jazzworkshops en het individueel lesgeven zijn daarin verwerkt.

 

BASISTHEORIE JAZZIMPROVISATIE.

Ook zonder kennis van muziektheorie kun je beginnen met improviseren! Namelijk door het gewoon te doen, zonder bang te zijn dat je onzin ten gehore brengt. Die bladmuziek wegleggen. Geen uit je hoofd geleerd liedje spelen. Een liedje dat je kent, anders spelen dan het op papier staat, is al een vertrekpunt. Of, helemaal vrij gedacht, speel maar eens één toon, laat die op je inwerken, luister naar wat je hoort en speel dan een paar tonen na elkaar. En zo wordt stap voor stap de improviserende instelling besproken.

Vanuit deze eenvoudige uitgangspunten werk je gaandeweg, met oefeningen, toe naar inzicht in de belangrijke elementen die de muziek bepalen, zoals metrum, ritme, sound, dynamiek, motief, melodie. Dergelijke elementen kun je ook los van kennis van akkoorden en toonladders begrijpen. Je kunt kennis van “ingewikkelde“ theorie aan de slag gaan.

Al doende komt meer theorie aan de orde, bedoeld om je mogelijkheden uit te breiden. Uitleg volgt over intervallen; pentatoniek; toonreeksen; akkoorden; elementaire harmonieleer; het improviseren over akkoorden.

De gedachte is in grote lijnen: probeer eerst onbevangen te improviseren en ga dan steeds, om je inzicht en vaardigheden te verdiepen, te rade bij muziektheorie.

 

Inhoudsopgave Basistheorie Jazzimprovisatie

INHOUD

VOORWOORD

1. DE ZIN VAN THEORIE                                                                 1

2. ENKELE BELANGRIJKE ELEMENTEN VAN MUZIEK             5

            - metrum                                5

            - puls                                      6

            - ritme                                    8

            - sound en dynamiek             12

            - melodie                                14

3. INTERVALLEN                                                                           30

4. EEN PENTATONISCH EXPERIMENT                                      36

5. HET GEBRUIK VAN ‘MODALE’REEKSEN                             41

            - de dorische mode                48

            - de mixolydische mode        59

6. AKKOORDEN (elementair)                                                        64

7. INTERMEZZO: een eenvoudige blues                                        74

8. AKKOORDEN (vervolg)                                                             78

9. HARMONIELEER (elementair)                                                  92       

10. DE II – V – I  KADENS                                                              101

11. IMPROVISEREN OVER AKKOORDEN                                  110

                                   -de kwintencirkel                   117

12. TRANSPONEREN voor Bes en Es instrumenten                      118

            -overzicht transponeren diverse instrumenten                     122

Bijlage 1 Voorbeelden van motieven                                              123

Bijlage 2 Akkoorden bij majeur- en mineurtoonladders                 124


BASISTHEORIE JAZZIMPROVISATIE is onder meer te koop bij:

Winkels:

Van der Heijde Bladmuziek: Nieuwe Binnenweg 116, 3015 BE Rotterdam; 010-4121900

Harry Bakker: Dorpsstraat 12, 1399 GV Muiderberg; 0294-262049

Hampe & Berkel Muziek: Spui 11, 1012 WX Amsterdam; 020-6242323


Webwinkels:

Bladmuziekplus: www.bladmuziekplus.nl
Directe link naar het boek: http://www.bladmuziekplus.nl/shop/Bergamin--Basistheorie-Jazz-Improvisatie-p-1383965.html


Rechtstreeks bij Ruud Bergamin:
►Bergajazz/Ruud Bergamin; ruudbergamin@planet.nl; 0104612734 (verzendkosten: Posttarief)




HOME